RSS

Paranimf

20 Feb

Vijf lange jaren moeten het zijn geweest, van noeste arbeid, doorzetten en met afwisseling geslaagde pogingen om anderen te overtuigen van het nut ervan. Want waar begin je aan, als je begint aan een proeve van bekwaamheid om te worden benoemd tot Doctor in de Letteren.

Zoiets begint met een idee voor een onderzoek, dan moet er een professor worden gevonden die bereid is om de rol van begeleider en uiteindelijk promotor op zich te nemen. In Antwerpen werd die begeleider niet gevonden, maar de professor aldaar wees op een professor van de Rijksuniversiteit van Groningen (RUG). En deze professor zei ‘já’. Vijf lange jaren van noeste arbeid, doorzetten en overtuigingspogingen later had ook een leescommissie van benaderde professoren hun zege gegeven aan het proefschrift en kon hij daadwerkelijk promoveren als buitenpromovendus aan de RUG. En hij vroeg zijn twee zonen om zijn paranimfen te zijn. Ik ben één van die zonen en derhalve was ik één van de paranimfen.

Sinds de dag dat bekend werd dat de promotie op maandag 14 februari zou plaatsvinden, moesten we dagelijks aanhoren dat de promotie op maandag 14 februari zou plaatsvinden. Het was dan ook een grote dag, oh ja, zonder meer. Misschien wel een once-in-a-lifetime ervaring. Omdat ik wist dat hij een risico nam door zijn zonen te vragen als paranimf en niet twee studenten met kennis van de onderzochte materie (we hadden het proefschrift niet eens gelezen, moet ik heel eerlijk bekennen), wilde ik in ieder geval mijn rol goed doen. Een paranimf is van oudsher een begeleider van degene die promoveert. Honderden jaren geleden kwam het tijdens academische disputen nogal eens tot een handgemeen als de discussie te hoog opliep en dienden paranimfen vooral als lijfelijke beschermers. De erebaan was daarom vooral voorbehouden aan potige kerels. En als ik zo vrij mag zijn: mijn jongere broer en ik kunnen best doorgaan voor potige kerels, maar anno 2011 is het vooral een ceremonieel erebaantje. Gelukkig maar.

‘s Ochtends liepen we alles nog eens na: pakken mee, cadeaus mee, gebruiksaanwijzing mee? Check, check, double-check. Mijn ouders waren de dag van tevoren al per trein naar Groningen afgereisd en mijn broer, diens vriendin en ik reden met twee auto’s op maandagochtend richting de Groninger binnenstad. Wat het stel in hún auto deed onderweg is mij onbekend, maar ík zag mijn kans schoon om een kleine twee uur lang mee te brullen op de muziek van Green Day. En dat deed ik dan ook, volop. In Groningen dronken we nog een paar bakken koffie en aten we een broodje. De klok, de tijd. Het is misschien wel het meest ongenadige instrument dat de mensheid ooit heeft uitgevonden. Opeens wás het zover, móesten we naar het Academiegebouw van de RUG om ons in rokkostuums te hijsen en de resterende tijd weg te zien tikken tot de pedèl, een universiteitsfunctionaris met een ceremoniële rol tijdens de plechtigheid, ons kwam ophalen. Die tijd – tussen rokkostuum aantrekken en wachten op de komst van de pedèl – leek een eeuwigheid te duren. Ongeduldig ijsbeerde ik door de ruim honderd jaar oude vergaderkamer (nog altijd als zodanig ingericht, inclusief gekromde kaarsen) die ons was toegewezen om ons om te kleden, terwijl het publiek een plekje zocht in de promotiezaal. En opeens stond daar de pedèl, nu gekleed in toga, in de deuropening. “Het is zover.” Verlossende woorden.

Hij stelde zich op in de gang. Als paranimf primus moest ik direct achter hem gaan staan, mijn vader als promovendus in het midden en mijn broer als paranimf secondus achteraan. Hiermee deden we de natuurlijke hiërarchie van het gezinssysteem enig onrecht aan, maar protocol is protocol: we liepen in ganzenpas door de gang, voetje voor voetje, de hoek om en de deur door. Door het middenpad van de promotiezaal liepen we naar voren en ik stelde me links op, m’n vader in het midden en broerlief aan de rechterzijde. We bogen naar de professoren die links zaten en nog een keer naar de professoren die rechts zaten. Het publiek mocht plaatsnemen, de promovendus aan een tafel met het gezicht naar het publiek en ik legde nog, als paranimf primus, de bescheiden op de tafel neer. Ik nam plaats en de gedachtenwisseling begon, met de rector magnificus van de universiteit als voorzitter.

In feite is de promovendus al geslaagd, en dus benoemd tot Doctor, voordat de gedachtenwisseling begint. Alleen als hij helemaal niks zegt, wordt het teruggedraaid. Het is een plechtigheid, ooit ingesteld om te zien of degene wiens naam op de voorkant van het proefschrift staat ook echt degene is die het geschreven heeft. Drie kwartier lang duurt zo’n gedachtewisseling, waarbij de voorgelezen vragen niet zelden twee A4′tjes beslaan en gepaard gaan met aanspreektitels: ‘geachte promovendus’, ‘weledelgeleerde opponent’. De rol van paranimf is op dat moment gereduceerd tot toeschouwer. Dit duurt tot het moment dat de pedèl binnen komt en zijn staf opheft en roept: “Hora finita!” Op dat moment stopte de gedachtenwisseling abrupt, ongeacht of de spreker nog halverwege een zin was, of niet. De professoren verlieten op rij de promotiezaal, gevolgd door mij, de promovendus en de paranimf secondus onder begeleiding van een hulppedèl. We werden teruggebracht naar de vergaderkamer waar we ons hadden omgekleed en moesten wachten op de komst van pedèl.

Dit was het moment van de beraadslaging. Geslaagd was de promovendus sowieso, maar het kon nog wel cum laude worden. Na vijf tot tien minuten kwam de functionaris weer door de deur van de oude vergaderkamer met het verzoek aan ons om mee te komen en hem op dezelfde manier te volgen als de eerste keer. Nadat we weer door het middenpad waren gelopen, werd het publiek verzocht plaats te nemen en moesten wij met z’n drieën blijven staan, met de promovendus één stap voor de paranimfen. De rector magnificus stelde dat het hem een groot genoegen was om ‘de door u begeerde titel tot Doctor in de Letteren’ te verlenen. Een knots van een document, met een officieel zegel van de Rijksuniversiteit van Groningen, werd overhandigd. Dit was het moment waar vijf jaar lang naartoe was gewerkt, waar vijf lange jaren van noeste arbeid, doorzetten en overtuigingspogingen voor nodig waren geweest. En als zoiets dan lukt, dan is het meer dan terecht dat de promovendus de zaal verlaat onder luid en enthousiast applaus van familie en vrienden, die nu eindelijk met eigen ogen konden zien hoe de abstracte verhalen van een eenmansproject waren verworden tot het tastbare bewijs van een bul.

Gefeliciteerd pa, met het behalen van deze welverdiende titel. Mijn vader, Doctor in de Letteren. Mag een zoon daar trots op zijn? Echt wel!

 
2 Comments

Posted by on 20/02/2011 in Personal

 

2 Responses to Paranimf

  1. Peter Vogel

    21/02/2011 at 10:40 am

    Bedankt voor je goed geschreven verhaal en je gelukwensen, inderdaad een hele opluchting.

     
  2. friedabakker

    21/02/2011 at 9:59 am

    Gefeliciteerd!! Opluchting in huize Vogel! :)

     

Leave a Reply

Fill in your details below or click an icon to log in:

WordPress.com Logo

You are commenting using your WordPress.com account. Log Out / Change )

Twitter picture

You are commenting using your Twitter account. Log Out / Change )

Facebook photo

You are commenting using your Facebook account. Log Out / Change )

Connecting to %s

 
Follow

Get every new post delivered to your Inbox.